Boudewijn Büch is onder het grote publiek vooral bekend als televisiemaker van het reisprogramma De wereld van Boudewijn Büch en om zijn wekelijkse bijdrage bij Barend en Van Dorp, waar hij met witte handschoentjes bijzondere boeken presenteerde. Büch is ook de schrijver van een veelheid aan romans, waarvan De kleine blonde dood, dat ook is verfilmd, de meest bekende is. Naast televisiemaker en schrijver van romans was Büch ook columnist, schrijver van een grote verscheidenheid aan artikelen en voorwoorden, dichter en verzamelaar. Hij heeft meer geschreven dan iemand ooit kan verzamelen. Alleen zijn primaire werk telt al meer dan vijftig titels.

Korte biografie

Boudewijn BüchBoudewijn Maria Ignatius Büch wordt op dinsdag 14 december 1948 geboren in de Bethlehemkliniek in Den Haag. Hij en zijn vijf broers, Richard, Arthur, Menno, Patrick en Helmar, groeien op in Wassenaar waar hij ook de lagere school doorloopt. Zijn ouders scheiden na een turbulent huwelijk als hij veertien jaar is. Büch heeft in zijn ontwikkeling veel last gehad van het turbulente huwelijk en de scheiding van zijn ouders.
De middelbare schooltijd brengt Büch door op het St-Bonaventuralyceum in Leiden waar hij aan de schoolkrant De Vonk gedichten instuurt. Al spoedig brengt hij het tot hoofd-redacteur en krijgt het schoolblad een meer professionele opzet. Het begin van zijn schrijversloopbaan is hier (1964-1965) feitelijk begonnen. De ‘Vonken’ behoren onder verzamelaars tot de meest gezochte items van zijn werk. Zijn bijzondere vriendschap met Peter van Zonneveld ontstaat hier en daarmee ook zijn passies voor onder meer: Goethe, Bilderdijk en Joyce.
Na de middelbare school gaat Büch in Leiden wonen en hoewel hij wel colleges volgt, staat hij nooit ingeschreven aan de Leidse universiteit. In Leiden heeft hij een bewogen en snel leven. Hij woont al jong op kamers. Zijn eerste woning betrekt hij boven het antiquariaat van 'het vieze mannetje' op de Lange Brug. Via een kamer op de Haarlemmerstraat waar hij een jaar boven een slager woont en de Kennedylaan, waar hij twee jaar met vrienden Paul en Atty Westgeest een kamer deelt, betrekt hij een kamer bij de commune De Bange Duivel (eerst op de Kruisstraat, later op de Koningsstraat). Na een ruim jaar verruilt hij deze bewoning weer voor een meer eigen plek en twee kamers bij de familie Kisman op de Sitterlaan. Zijn laatste woning in Leiden is een huis in de Bakker Korffstraat dat hij samen met broer Patrick opknapt tot een klein paleisje: De blauwe salon. Hier woont hij ook enige tijd samen met zijn muze Bernadette Gallis.
Later verhuist Büch naar Amsterdam en betrekt hij panden aan de Keizersgracht op volgorde van bewoning: nummer 642-644, nummer 40 en als laatste betrekt Boudewijn nummer 149.

Schrijverschap

In zijn studententijd is Büch medewerker en redacteur van het Leidse studentenblad Mare en van het Amsterdamse studentenblad, Folia Civitatis. In 1975 debuteert Büch in het literaire tijdschrift Maatstaf met enkele gedichten en in hetzelfde jaar krijgt hij het aanbod om als poëziecriticus te beginnen bij het Literaire tijdschrift Hollands Diep. Zijn officiële debuut komt een jaar later met zijn eerste gedichtenbundel Nogal droevige liedjes voor de kleine Gijs. Büch schrijft daarna vele gedichten en brengt nog verschillende dichtbundels uit, waaronder De taal als blauw, de Sonetten en Nohant. Zijn eerste roman De blauwe salon verschijnt in 1981. Dit autobiografisch werk wordt gevolgd door autobiografisch getinte romans als De kleine blonde dood (1985), Links (1986), Het Dolhuis (1987), De rekening (1989), de Hel (1990), Geestgrond (1995) en De bocht van Berkhey (1996). Naast de autobiografische romans publiceert Büch ook een veelheid aan romans die vol staan met 'weetfeitjes', een woord dat hij zelf bedenkt en de wereld inbrengt. Voorbeelden hiervan zijn: de Eilandenreeks, Brieven aan Mick Jagger (1988), Goethe en geen einde (1990) Bibliotheken (1994), Een boekenkast op reis (1999), De Wereld in een vitrinekast (2001), de Goethe industrie (2002) en Steeds verder weg (2002).

Televisiemaker

In 1982 wordt Büch gevraagd om als reporter te komen werken voor het VPRO-radioprogramma VPRO-boeken. Uiteindelijk krijgt hij bij de VARA het aanbod om een serie boekenprogramma’s voor televisie te maken. Het programma heet in eerste instantie De verwondering, maar wordt later omgedoopt tot Büch. Door zijn boekenprogramma wordt Büch populair bij het publiek en gezien als een ‘mandarijn’ op boekengebied. Ook is hij een groot kenner en fan van het werk van de Duitse dichter Goethe. Ook thema’s als Columbus, Napoleon, rock and roll, eilanden, James Cook en Stevenson fascineren Büch. Hij weet er met veel enthousiasme en kennis over te vertellen en inspireert menig kijker tot het lezen van boeken over deze onderwerpen.

Verteller en cabaretesk toneel

Ook in de theaters heeft Boudewijn zijn sporen nagelaten. Het eerste theaterprogramma waarmee hij door Nederland toert, is: Büch denkt hardop (1995-1996), gevolgd door Verschrikkelijk gemeen (1996-1997), Een avondje televisie (1997-1998), Hoe word ik schrijver? Een cursus (1998-1999), Op reis theatertoer 2001 en 2002-2003 Boudewijn Büch op reis - een diavoorstelling zonder dia’s. Deze laatste tour zal hij niet vervolmaken. Voor het einde van de tour komt Boudewijn te overlijden.

Boudewijn overlijdt op 23 november 2002 veel te jong op 53-jarige leeftijd aan een hartstilstand in zijn grachtenwoning in Amsterdam. In eenzaamheid zoals velen zullen zeggen.